« Alles stroomt »
mokuhanga • grafiek
2026 - Shiramine-papier, gofun, pigment











Panta Rhei — Heraclitus
Dit werk bestaat uit een geheel van twaalf houtsnedes, gedrukt in de traditionele Japanse Mokuhanga-techniek op washi-papier, gedrukt met gofun waarin bij sommige drukken minimale accenten van rood, blauw of geel pigment werden toegevoegd.
Het resultaat is een groot bord dat visueel wordt samengesteld uit scherven van serviezen afkomstig van het wrak van de SS Kilmore. Dit schip zonk in 1906 voor de Belgische kust met een lading porselein aan boord. Aan de hand van gearchiveerde foto’s van deze scherven is een nieuw, geherconstrueerd beeld gecreëerd; het bord is echter niet compleet, waardoor er ruimte blijft tussen de overlappende stukken.
Deze scherven fungeren als symbolen voor zowel het verleden als de hoop op herstel. In 2025 werden immers substraten met tweehonderdduizend larven van de Europese platte oester (Ostrea edulis) uitgezet rondom het wrak, in een poging om de verdwenen oesterbanken in de Noordzee te herstellen. Het gezonken schip, een overblijfsel en verontreiniging in zee, vormt nu het ideale habitat om in zijn luwte nieuwe oesterbanken te laten ontstaan.
Alles stroomt en is voortdurend in beweging: oud wordt nieuw, en nieuw vervalt weer tot oud in een cyclische dans.
Cruciaal voor dit werk is de keuze voor gofun, een wit pigment gemaakt van vermalen Japanse oesterschelpen. Deze schelpen worden jarenlang in de zon gebleekt en vervolgens vermalen tot een fijn poeder. Sinds de 12e eeuw wordt gofun gebruikt in de schilderkunst en traditionele ukiyo-e, maar ook voor de afwerking van authentieke Noh-maskers, waar het zorgt voor een matte, gladde en porseleinachtige laag die diepte geeft aan het masker. Dit materiaal, met wortels in oude Japanse kunst en ambachten, onderstreept de verbinding tussen verleden en toekomst. Terwijl de Europese platte oester zijn populatie hopelijk kan herstellen, raakt de voorraad aan originele wilde Japanse oesterschelpen die voor de productie van gofun nodig zijn, stilletjes aan uitgeput.
De schaal van het werk is eveneens bewust gekozen. Tijdens de documentatie van de scherven uit het wrak was op elke foto een referentielatje van vijf centimeter zichtbaar. Deze schaal is in de uiteindelijke compositie vergroot tot de lengte van de voet van de kunstenaar, waardoor het werk bijna menselijke afmetingen aanneemt. Deze keuze benadrukt de fysieke aanwezigheid en de impact van de samenstelling, en nodigt de kijker uit tot een directe confrontatie met deze cyclische beweging van verval en wedergeboorte.
Er zijn twee edities beschikbaar. De eerste editie verkoopt het werk in zijn geheel, waarin de twaalf houtsnedes één samengesteld bord vormen. Bij de tweede editie worden de twaalf houtsnedes apart verkocht, zodat de scherven zich kunnen verspreiden zoals dat oorspronkelijk in de zee was — een terugkeer naar de fragmentarische staat van het wrak. Beide opties brengen verschillende aspecten van het verhaal naar voren: vereniging versus verbrokkeling, integratie versus dispersie. Zo blijft zelfs in de presentatie de cyclische beweging zichtbaar die aan de basis ligt van het werk zelf.
Technische details
- Afmetingen: 156 × 172 cm (totaal), 43 × 52 cm (per vel)
- Techniek: Mokuhanga (Japanse houtsnede), reductieprint
- Materialen: Shiramine-papier, gofun (oesterpoeder), pigment
- Editie: 2 + 1 artist print
Foto’s scherven: met dank aan Ine Demerre @ Agentschap Onroerend Erfgoed
Het schip: kilmore.gue-be.be
De Europese platte oester: Jan De Nul — BelReefs · Jan De Nul — Oyster Reef Restoration
Gofun: Kogei Art Kyoto


